Ons sterretje Tibo

, 1.544 keer bekeken

Sinds 17 oktober ben ik mama van een engeltje, Tibo. Hieronder mijn verhaal, dat eigenlijk begon eind 2001.

November 2001
We komen met z'n drietjes terug van huwelijksreis! Ons geluk kan niet op, net getrouwd en direct van de eerste keer zwanger! We zijn door het dolle heen en maken een afspraak bij de huisdokter. Toch nog even wachten om het te vertellen, alleen onze ouders en zussen weten het. Algemeen enthousiasme, het eerste kleinkind is onderweg!

December 2001
Negen weken zwanger ben ik, als we op controle gaan bij de gynaecoloog. Voor het eerst zien we ons kleintje op de echo. Plots blijkt echter dat er niet eentje, maar twee kindjes op komst zijn! We verwittigen onze ouders, die denken dat we een grapje maken. Geen enkele tweeling in de familie! We voelen ons alsof we de lotto hebben gewonnen. We moeten wel een nieuwe woonst zoeken en nog zoveel regelen.
De hartjes klopten goed en we kunnen dit niet langer voor onszelf houden. Het is nu toch al 9 weken?! We vertellen het aan iedereen en overal evenveel vreugde!

3 januari 2002
Op controle bij de gynaecoloog, ik ben op dat moment 11 weken zwanger en doordat het er twee zijn begin ik al een beetje uit te zetten. Er wordt weer een echo genomen. Eerst uitwendig, maar er is niets zichtbaar, dan maar inwendig en de gynaecoloog zwijgt. Er is iets mis, de hartjes van de kindjes kloppen niet meer. Onze droom spat uit elkaar, de grond zakt onder onze voeten weg. Wat een begin van het nieuwe jaar. Na al die wensen voor ons toekomstig gezinnetje, het is een harde dobber…
Die avond nog naar het ziekenhuis in Lier voor een betere echo. Maar het resultaat blijft, onze kindjes zijn overleden. Mijn ouders komen 's avonds nog langs om troost te bieden.
Mijn baarmoeder is al te groot en dus moeten ze de weeën opwekken en de bevalling zo inleiden. De volgende morgen om 8 uur word ik opgenomen. Ik krijg pilletjes en tegen middernacht zijn de twee vruchtzakjes geboren, in zijn geheel, onze kindjes mooi ingesloten. We krijgen ze even te zien en dan ga ik de operatiezaal in voor een couretage. Nu is het echt voorbij.

Mei 2002
Sinds mijn miskraam heb ik menstruele cyclussen van 12 weken, wat tot grote frustratie lijdt. We willen namelijk zo snel mogelijk weer zwanger zijn. Omdat ik nog maar één keer mijn regels heb gehad, maak ik een afspraak bij de gynaecoloog.
Ze trekt bloed en verzekert ons dat we het wel weer op gang krijgen. De volgende dag krijgen we het resultaat: ik ben opnieuw in verwachting! De zon gaat plots weer schijnen!

Juli 2002
Al enkele controles gaat alles goed. De schrik zit er nog wel wat in, maar eigenlijk maak ik me niet teveel zorgen. Ik heb het gevoel dat alles goed gaat. Bij de vorige zwangerschap had ik precies een voorgevoel dat er iets niet klopte en nu voel ik me beter dan ooit!
Na onze vakantie gaan we weer voor een echo en ons kindje is dan al meer dan 10 cm groot. We zijn 14 weken ver, het ergste is voorbij, niet meer misselijk en niet meer bang, vanaf nu: Genieten!!!

Woensdag 2 oktober
's Avonds naar de gynaecoloog. Er wordt een echo genomen en we zijn dolgelukkig. Ons kindje is goed gegroeid en we weten dat het een jongetje is. We hebben hem de naam "Tibo"gegeven. De gynaecoloog wil ons toch langs een universitair ziekenhuis sturen om de vochtinhoud van hersentjes te laten nakijken.. We worden toch wat ongerust. Vier keer vragen we of er een reden is om ons zorgen te maken, maar telkens stelt ze ons gerust: Het kindje beweegt goed en is op schema qua groei, ook het hoofdje is volgens haar perfect van grootte.
Toch iets ongerust bel ik naar mijn mama en zeg dat alles goed is, maar dat we toch naar Gasthuisberg moeten op controle. Ook zij is direct gealarmeerd, niet iedereen wordt zomaar doorgestuurd, maar ze laat niets merken van haar ongerustheid.
Thuis lees ik de doorverwijzingbrief van de gynaecoloog. Er staat niets alarmerend in, gewoon een vraag voor extra controle. We maken ons dan maar niet teveel zorgen, het zal deze keer wel allemaal goed zijn!

Donderdag 3 oktober
Een afspraak in Leuven gemaakt voor volgende vrijdag.

Vrijdag 11 oktober
Heel slecht geslapen, toch wel bang voor de expertise-echo in Gasthuisberg. Nik gaat niet mee omdat hij zo weinig verlof heeft, maar ik heb ons mama meegevraagd. Dan kan zij ook eens haar kleinkind op de echo zien! Ik vertrek en pik haar op en dan naar Leuven. Na een tijdje wachten is het mijn beurt. Ons mama mag niet mee binnen, dat is namelijk niet de gewoonte. De gyn verzekert me dat ze wel binnen mag nadien, en dat ze dan nog wel naar de echo kan kijken. Ik geef dan maar toe, als alles goed is vind ik het toch niet zo heel erg dat ik alleen ben.
De gynaecoloog vraagt of ik ongerust ben omdat ik zo stil ben, daar is toch niet echt een reden voor? Ik zeg haar dat ik het toch raar vind dat ik naar Leuven moet komen voor controle, ze sturen je toch niet zomaar naar een universitair ziekenhuis?
Ik leg me op de tafel en er wordt een echo genomen. Ik zie heel gedetailleerd een beentje, met alle botjes erop en eraan. Ongelooflijk hoe duidelijk deze echo is. Het hartje klopt stevig en Tibo beweegt hard. Maar de dokter zwijgt… Ze neemt een apparaat voor de hersenen te bekijken. Een andere verpleegster komt binnen en vraagt of ze al klaar is. "Ik zal het nog wel een tijdje nodig hebben", reageert zij. Ik word ongelooflijk bang. Die stilte is niet normaal en het onderzoek duurt veel te lang. Achteraf hoor ik van mijn moeder dat andere patiënten allemaal buiten kwamen en dat zij ook heel bang werd omdat het veel te lang duurde.

Ik denk bij mezelf: Als dit slecht nieuws is, dan kan ik dat niet aan. En dan komt het : "Het ziet er helemaal niet goed uit", hoor ik de dokter zeggen. De linkerhersenhelft zit vol vloeistof en die heeft de hersentjes helemaal verdrukt. De cortex is heel dun aan die kant, maar ook de rechterhelft is uitgezet door het vocht. Ik ben zo geschokt dat ik het niet kan geloven en dat de tranen pas met vertraging komen. Ze vraagt of ik wil dat mijn mama binnenkomt en ik snik van ja. Ik zie mijn mama de deur open doen en begin onbedaarlijk te huilen. Ook bij haar komen de tranen en de gyn doet weer dezelfde uitleg. Ons mama wrijft over mijn haar en zegt dat we ook hier wel doorkomen.Er wordt een vruchtwaterpunctie gedaan en ik begin vragen te stellen: "Zal het kindje kunnen leven? Wat moet er nu gebeuren? Welke handicap zal Tibo hebben? Is hij levensvatbaar?"
Zoveel vragen, maar nog geen antwoorden. Waarschijnlijk kan Tibo overleven in de baarmoeder, maar zal hij sterven bij de geboorte. Ik wil hem beschermen en voor altijd bij me dragen.
Maandag terugkomen, dan kan de evolutie bekeken worden. Ze laten ons buiten langs een andere gang, zodat we niet langs de wachtkamer moeten waar al die dikke buiken zitten.

We staan buiten en ik bel Nik. Hij komt direct naar huis. Ons mama belt onze papa en ook hij komt snel. We rijden naar hen thuis en bellen daar mijn zus en schoonouders. Iedereen reageert geschokt. Niet weer? Hoe kan zoiets gebeuren?
Ik bel het werk en zeg dat ik volgende week niet kom werken.
We vertrekken naar mijn thuis waar ook Nik en mijn schoonouders naartoe komen. Als Nik aankomt heb ik geen tranen meer. We nemen elkaar vast en ik zie de wanhoop in zijn ogen.
We vertellen onze ouders dat het kindje een jongetje is en de naam Tibo heeft gekregen. Zo wordt het ook voor hen een echt kindje.

Het weekend is een hel. We weten niet wat er gaat gebeuren. Allerlei scenario's spoken door ons hoofd en we slapen bijna niet. Tibo stampt continu, alsof hij wil laten weten dat hij er is.
Onze ouders komen zaterdagavond weer langs. Ik kan het nog steeds niet geloven. Normaal zouden we die avond de meter en peter vragen. Het heeft niet mogen zijn…
Zondag komt mijn zus met Nico, ze steunen ons zo erg en ik zie het verdriet in hun ogen. 's Avonds stort Nik in, al zijn eten komt er weer uit en hij begint onbedaarlijk te huilen. Hij heeft zich voor mij willen sterk houden. We knuffelen en de traantjes vloeien, maar deze keer bij ons beiden en dat helpt een beetje.

Maandag 14 oktober
We zijn weer in Leuven en mogen bijna onmiddellijk binnen bij de dokter. Ze neemt een nieuwe echo en de situatie is nog verslechterd. Ook de professor erfelijkheid komt langs en zegt dat de zwangerschap moet worden beëindigd en dit zo snel mogelijk omdat ik al zo ver in de zwangerschap ben. We kiezen voor woensdag, eerst wil ik nog een dagje afscheid nemen van mijn bolle buikje. Ik zal bevallen als ik 25 weken zwanger ben.
Ik voel onmiddellijk de drang om ons kindje te knuffelen en te koesteren en de dokter verzekert me dat dat zal kunnen. Ik zal waardig kunnen afscheid nemen en er zullen foto's worden genomen.
De maatschappelijk assistente komt langs en vertelt ons dat een kindje pas aangegeven en begraven kan worden vanaf 26 weken. Ik vind dat niet zo erg. Voor ons zal hij er altijd geweest zijn. Ze laat ons verder met rust en verzekert ons dat ze ons later zal komen opzoeken als ik word opgenomen. Er wordt nog bloed bij mij en Nik genomen voor erfelijkheidsonderzoek en dan kunnen we naar huis.

We rijden weer naar mijn ouders en ook mijn zus en haar vriend komen langs. We voelen Tibo nog de hele tijd stampen. Hij beweegt zoveel omdat hij het niet kan controleren. Ik voel dat het ook voor hem genoeg geweest is, hij heeft lang genoeg gestreden.
Samen met mijn mama en zus rijden we naar de kinderwinkel. Ik wil kleertjes voor Tibo gaan halen en een knuffel om hem mee te geven.

We blijven bij mijn ouders slapen en rijden de volgende dag naar huis. Nik gaat nog even langs de winkel en ik ruim alle babyspullen op: boeken, kaarten, zwangerschapskleren. De wieg laten we staan, we kunnen er nog geen afscheid van nemen. Mijn valies is klaar, 3 maanden te vroeg en zonder vreugde…

Woensdag 16 oktober
Om 9 uur word ik opgenomen. Een verpleegster neemt ons mee naar de afdeling verloskunde en we moeten even op de gang wachten. Ik barst in snikken uit. Ik kan het niet vatten dat we een tweede bevalling in één jaar door moeten, om weer zonder kindje naar huis te gaan. De vroedvrouw brengt ons naar de arbeids-/verloskamer, maar ik kan niet stoppen met huilen.
"Vragen?"
" Neen, geen vragen, we kennen de procedure al…"
Ze zegt dat we gerust nog wat mogen rondlopen na de eerst pilletjes, totdat de weeën te erg worden. Ik denk niet dat ik over de gang wil lopen. In de aangrenzende kamers liggen (toekomstige) gelukkige ouders…

Na de eerste pilletjes wordt mijn buik keihard en doet mijn onderrug pijn. We zijn allebei doodmoe en bladeren wat in boekjes. Af en toe dut ik wat in.
De maatschappelijk assistente komt langs voor meer uitleg over de foetusweide.
Tegen de middag krijgen we eten en ik schrik ervan dat ik honger heb. Ik ben eigenlijk rustig en ben benieuwd naar ons zoontje. Ik wil hem leren kennen en knuffelen. Net als andere mama's wil ik weten hoe hij eruit ziet.
Ik krijg meer pijn en krijg wat pijnstillers. Ook is mijn temperatuur verhoogd, waardoor ik lig te rillen in bed. Om 16 uur vraag ik om een epidurale verdoving. Zalig is dat: er gaat een warme gloed door me heen en ik word rustig.
Ze schuiven het bed tegen de verlostafel en zo liggen Nik en ik dicht bij elkaar. Ik krijg stilaan opening en de gynaecoloog denkt dat het voor deze nacht zal zijn.
Ons mama komt nog langs, en gaat daarna bij oma op bezoek, die ook in het ziekenhuis ligt. Een beetje later staat mijn beste vriend, Steve, aan de receptie en ik laat hem komen. Hij is aangeslagen en een beetje stil, maar ik ben blij dat hij gekomen is. Nik kan even naar buiten en ik heb gezelschap. Mama komt nog even langs en gaat om 22 uur naar huis.

Donderdag 17 oktober
Om halftwee krijg ik hevige weeën, waarschijnlijk is ons jongetje dan gestorven. Een beetje later krijg ik een eerste perswee en een deel van de vruchtzak wordt geboren. Alles valt weer een beetje stil. Intussen is er een spoedkeizersnede toegekomen en rennen de dokters en verpleegster over en weer tussen onze beide kamers. Om halfdrie voel ik dat het zover is. Tibo wordt geboren, volledig met vruchtzak en al. Het is midden in de nacht en ik ben klaarwakker.
De verpleegster en gynaecoloog knippen de vruchtzak open en ik hoor hen zeggen dat het zo'n mooi kindje is. Ik wil me wat recht zetten om te kijken, ik ben zo benieuwd en trots. Het verdriet is voor later, laat me nu van dit moment genieten. Nik moet huilen en ik vind het zo erg voor hem. Hij is doodmoe en voelde zich de hele dag machteloos. Maar hij heeft me zo goed bijgestaan…

Ze verhuizen me naar het bed en maken alles weer proper. We krijgen Tibo bij ons. Hij is zo proper omdat hij in de vruchtzak geboren is. We nemen enkele foto's en daarna valt Nik in slaap. Hij kan niet meer.
Tibo wordt gewogen en gemeten: 860 gram en 34 cm! Ik neem met de vroedvrouw afdrukjes van de voetjes en handjes. Dan wassen we de inkt eraf en doen hem zijn kleertjes aan. Ik wil hem plots toch begraven. Hij verdient zijn eigen plekje en we willen hem inschrijven in ons trouwboekje. Hij is vrij groot en zwaar voor 25 weken. Ik vraag het toch en ze regelen het zo dat het kan. Ik ben hen ongelooflijk dankbaar.
Tot 9 uur houden we Tibo bij ons. Hij ligt tussen ons in en ik ben ongelooflijk trots. Ik ben mama geworden! Dan komen ze hem halen en ik neem een douche. Nu komen de tranen en ik kan ze niet meer stoppen. Ik bel naar mama en zeg dat haar kleinzoon geboren is. Ik krijg ook nog telefoon van Lien, mijn zus, en mijn schoonzus en schoonmoeder komen even langs.
Tegen de middag worden we verhuisd naar een gewone kamer. De hele rit heb ik in dat bed gehuild. Normaal kom je met een kindje van de verloskamer, het is één van de moeilijkste momenten in het ziekenhuis.

Na de middag komen mijn ouders en zus langs. Ik vraag aan de verpleegsters om Tibo nog even naar de kamer te brengen. Ik wil trots mijn kindje laten zien maar ik zie het verdriet in hun ogen. Als ze gaan vertrekken, op bezoek bij oma, vraagt mijn papa plots of hij Tibo ook eens mag vasthouden. We waren hem een beetje vergeten. Zijn gemoed schiet vol en de tranen rollen over zijn wangen. Het is een prachtig ontroerend moment.
's Avonds komt de ganse familie op bezoek en Sarah, een goede vriendin. Alle anderen zullen Tibo later wel op foto zien, maar met deze mensen wil ik hem delen. Het is een enorme drukte op de kamer en we splitsen ons op. Oma komt ook even kijken naar haar eerste achterkleinkindje.

23u30
Nik is naar huis en ik voel me zo alleen. Ik zou zo graag ons klein manneke nog eens vasthouden. Het is de laatste dag dat hij op de kamer komt, dan wordt hij verhuisd naar het mortuarium. De verpleegster komt langs en ik huil, wel een kwartier lang. Ik heb het gevoel dat iedereen Tibo heeft vastgenomen en ik bijna niet.
De nachtverpleegster van verloskunde brengt Tibo nog eens bij mij. Twee uur houd ik hem dicht bij mij en ik wil hem niet afgeven. Ze geven me alle tijd. Ik krijg iets om te slapen en druk op het belletje. Ze komen hem halen en ik sukkel in een onvaste slaap.

Vrijdag 18 oktober
Vandaag verjaart onze papa, leuke verjaardag?!
Zodra ik wakker word komen de tranen en ik bel onmiddellijk de verpleegster. Ik moet weten waar Tibo is, ligt hij nog op verloskunde of al in het mortuarium? Hij is al verhuisd.
De sociaal assistente komt langs en neemt me mee naar ons ventje. Hij ligt in een klein ziekenhuisbedje, in een klein kapelletje waar er veel licht binnenvalt. Ik til hem op en houd hem dicht bij mij. Hij is zo perfect! Ik begrijp het niet maar hou me nog een beetje recht aan deze uren dat Tibo nog bij ons is. Ik kan de gedachte niet verdragen dat we binnen enkele dagen definitief moeten afscheid nemen.
Tegen de middag is Nik terug, een echt wrak. Hij heeft niet geslapen en blijft de rest van de ziekenhuisperiode daar slapen. We moeten er samen door…
Na de middag komen de pastoraal werkster en de sociaal assistente langs. We moeten teksten kiezen voor de dienst en er moet papierwerk geregeld worden.
Dit moet tussendoor, want elke moment dat het mortuarium open is, zit ik bij ons ventje. Ik vertel hem over zijn familie, lees kaartjes voor en knuffel hem. Ik word altijd een stuk rustiger na zo'n bezoek. Nik heeft het daar veel moeilijker mee. Iedereen heeft zijn eigen manier om dit te verwerken. Wat is het beste? Ik weet het niet, je eigen manier zal wel de beste zijn.

Zaterdag 19 oktober
Gisteren en vandaag bezoek van de zussen en ouders gehad. Met hen willen we hier proberen door te komen. Soms zitten we met een paar bij Tibo en vertellen gewoon. Het zijn mooie momenten, die ik altijd zal blijven koesteren.
Oma is zwaar ziek en ik ben even bij haar op bezoek geweest. Het was te snel, ik kon het niet aan en terug op de kamer hebben de tranen weer rijkelijk gevloeid. Hopelijk kan ik wat nachtrust vinden. Het gaan slapen en het opstaan zijn de moeilijkste momenten van elke dag. Steeds dat besef weer dat het voorbij is. Waarom? Het is gewoon niet eerlijk…

Zondag 20 oktober
Vandaag zijn we 1 jaar getrouwd. We hadden ons deze dag wel anders voorgesteld. Toch komen mijn ouders en onze beide zussen met hun vriend en ze brengen champagne mee. We gaan met z'n allen eten in de cafetaria en ik heb het moeilijk. Wat is er allemaal in dat eerste jaar niet gebeurd? Ik ben toch dankbaar dat we het op deze manier een beetje kunnen vieren. Nadien gaan we allen samen bij Tibo op bezoek.

Maandag 21 oktober
Stilaan begint het afscheid te naderen. De pijn laat zich harder voeren dan ooit. Morgen is de begrafenis en vertrekken hier. Morgenvroeg zie ik Tibo voor het laatst.
Ik ben die vier muren hier nu wel beu en wil terug naar huis, maar ben er tegelijk vreselijk bang voor.

Dinsdag 22 oktober
Juist wakker, de zware dag begint. Allereerst afscheid nemen van Tibo. Hopelijk komen we deze dag goed door.

Terug van het mortuarium. Ik ben blij dat het achter de rug is. We hebben Tibo in zijn kistje gelegd en foto's en tekstjes meegegeven. Het was enorm moeilijk om de laatste blik te werpen, maar het is voorbij en we zijn weer een stapje verder.

Om één uur is de familie op de kamer en om halftwee begint de dienst in het ziekenhuis. Het was mooi en we zijn erdoor geraakt. Dan met iedereen naar Nijlen voor de begrafenis. Het is allemaal voorbij. Thuis bekomen we wat, samen met de familie en dan zitten we alleen. Op bepaalde momenten blijkt het te gaan, maar de pijn snijdt zo diep. Hopelijk komen we hier door.

23 oktober - 19 november
Ik maak met mama de kaartjes voor Tibo en schrijf de adressen. Nadat ze verstuurd zijn krijgen we enorm veel steunbetuigingen: telefoontjes en veel kaartjes. Ik wist niet dat dat zoveel goed zou doen. Het ergste is als mensen je mijden omdat ze niet weten wat te zeggen.
De eerste 2 weken hangen we vooral in de zetel. Nik doet alles in het huishouden want ik heb er de energie niet voor. Dan gaat Nik weer aan het werk. Als hij 's avonds thuiskomt is er niets gedaan. Hij moet nog zelf voor het eten zorgen en de afwas doen. Ik voel me zo nutteloos, maar ik kan er gewoon niet aan beginnen. Ik zit gelukkig niet alleen overdag. Meestal komt ons mama langs, soms ook mijn zus of schoonzus. Ik heb niet veel zin om al andere mensen te zien. Sommigen beloven dat ze komen en dan komt er toch nog iets tussen. Dat zijn dingen die ik gewoon niet aan kan. Telkens resulteert dat in een gigantische huilbui. Ik moet me een hele tijd mentaal voorbereiden op bezoek en als ze dan niet opdagen dan doet dat verschrikkelijk pijn.
Ik surf wat op het internet en zoek steun bij de werkgroep "met lege handen". Ik ben niet alleen, er zijn er nog zovelen die dit hebben meegemaakt.
Na enkele weken ga ik met mama eens iets drinken of wat winkelen. Ik krijg terug een beetje energie en kan niet meer de hele dag in de zetel blijven hangen. Geregeld maak ik het eten klaar. Ik denk dat het de goede kant op gaat, maar plots doet het dan weer zo'n pijn dat ik het niet meer zie zitten. Gelukkig krijg ik veel steun van mijn familie en vrienden.

Soms zijn mijn tranen op. Ik wil gewoon even vluchten, alles vergeten en even onbezorgd, gelukkig kunnen zijn. Dan kan ik daarna dit immense verdriet wel weer aan. Maar er is geen vlucht mogelijk van de harde realiteit.
Soms "moet" ik gewoon naar het kerkhof. Bijna elke dag ga ik langs: bloemetjes zetten en een beetje opkuisen. Het is het enige wat we voor ons ventje kunnen doen.
Ik heb het fotoboek van Tibo samengesteld. Weer een stukje afgesloten…

Ik ben soms bang om te lachen.. Dan denken de mensen misschien dat ik het allemaal al vergeten ben. Ik voel me schuldig ten opzichte van Tibo en weet dat dat belachelijk is. Maar een gevoel kan je niet veranderen…
Ik word stilaan zenuwachtig over de resultaten van het erfelijkheidsonderzoek. Op het internet zoek ik naar mogelijke antwoorden maar vind zulke gruwelijke dingen dat ik er niet meer van slaap. De schrik begint het verlies te overheersen. We denken dus toch al aan de toekomst…
We gaan naar het ziekenhuis voor gynaecologische nacontrole en langs de psychologe. Zij kennen de uitslag niet van de genetische testen. Fysiek is alles met me in orde, op dat gebied is een volgende zwangerschap perfect mogelijk. Bij dat we bij de psychologe ons verhaal nog eens kunnen doen. Alles op een rijtje zetten helpt toch een beetje.
De dagen voor de uitslag zijn een regelrechte ramp: nachtmerries, huilbuien en migraine van de stress.

Woensdag 20 november
Het verdict valt vandaag. We rijden weer naar Gasthuisberg.
We zitten te wachten in de wachtkamer en een assistente komt ons halen. Ze laat ons binnen maar kan ons niets vertellen. We moeten wachten op de gynaecoloog en professor.
Enkele minuten later komt de dokter binnen en het nieuws slaat in als een bom: een erfelijke afwijking, met 1 kans op 4 op herhaling, pas zichtbaar na 18 weken zwangerschap. Hier was ik zo bang voor.
De professor komt ook binnen en probeert ons toch een beetje te wijzen op de 75% kans op een gezond kindje. Maar ook zij beseffen dat dit zwaar om dragen is. Het is een afwijking die zo zeldzaam is dat er weinig onderzoek op is. Maar als het mis is, is het wel degelijk mis: 100% letaliteit. Als een volgende kindje hetzelfde syndroom vertoont, moet de bevalling weer vroegtijdig worden afgebroken.
We mogen weer proberen om zwanger te geraken. We weten waar we voor staan.

We verwittigen onze ouders. Mijn mama en papa rijden naar hen thuis en wij ontmoeten hen daar. Ik heb geen tranen meer, we moeten erdoor en daarmee basta. We hebben nog veel kans dat het goed zal gaan.

We krijgen telefoon: Mijn nicht is net bevallen van een dochtertje. We huilen samen uit…

Donderdag 21 november
Nu komt het verdict van gisteren als een hamerslag neer op mijn hoofd. Het is alsof we weer bij af zijn. Het overdonderende verdriet is terug en ik zie het niet meer zitten.
Ons mama beseft dat en komt langs. Even langs het kerkhof, maar voor de rest thuis gebleven.

De maand nadien
Stapje voor stapje gaan we erop vooruit. Ik krijg meer energie en ga voor de eerste keer weer tennissen. Het is een moeilijk moment, maar het is telkens een stapje in de goede richting. We beseffen hoeveel we hebben aan die vrienden, ze leven enorm mee en hopen mee voor de toekomst.
We hebben een hond gekozen in het asiel en dat heeft me echt goed gedaan. Elke dag moet ik even buiten om hem uit te laten en ik heb iets om me om te bekommeren.

Met Sinterklaas overlijdt oma. We doen de begrafenis in intieme kring, niemand heeft zin in een grootste bedoening. We kunnen dat nog niet aan, weer een dienst en koffietafel.

Ik ga weer naar de vergadering van het bestuur van de tennisclub, ga in Leuven naar het kortfilmfestival, ga op bezoek bij mijn zus in Brussel, mijn schoonzus in Leuven, enz. Alleen activiteiten in kleine kring, maar ik kom weer onder de mensen.
Ik hoor van lotgenoten dat het jaren duurt vooraleer het niet meer pijn doet. Ik geloof hen, het is veel zwaarder dan ik me had kunnen voorstellen, maar we kijken toch weer hoopvol uit naar de toekomst. Andere momenten zie ik het veel zwarter in en ben ik ongelooflijk bang voor de toekomst. Die schommelingen zullen nog wel even doorgaan

Mijn buurvrouw wordt ronder en ronder. Ze is uitgerekend voor 2 februari, ik moest normaal 30 januari bevallen. Steeds maar denken: Zo dik had ik ook moeten zijn, het is toch zo moeilijk. In plaats van enkele kilo's bij te komen, vliegen de kilo's eraf.

Ik begin wat te werken bij mama in de winkel: Inventaris. Een werkje waarbij je je verstand op nul kan zetten. Ik heb het nog steeds moeilijk om met de klanten over koetjes en kalfjes te praten en hou me dus steeds wat op de achtergrond.

Eind december
De feestdagen zijn in aantocht. Ze zullen er helemaal anders uitzien dan we ons voorgesteld hadden. De weken ervoor ben ik ongelooflijk bang, maar uiteindelijk vallen de dagen zelf nog wel mee. We brengen Kerst door in beperkte familiekring en Nieuwjaar met een paar goede vrienden. Ik ben toch blij als deze dagen voorbij zijn.
We hebben met z'n allen vol verwachting naar het nieuwe jaar uitgekeken. 2002 bracht zoveel verdriet dat we dat jaar wilden afsluiten. Het is symbolisch maar voor ons is het een verademing om eindelijk aan 2003 te kunnen beginnen.

Januari 2003
Het jaar begint alweer slecht. Op 6 januari overlijdt moemoe, de moeder van ons mama. We zijn de dag ervoor nog even langs geweest. Weer een begrafenis, het is teveel. Ook dat dit in het nieuwe jaar gebeurt is moeilijk te accepteren. We willen gewoon een nieuwe start nemen maar geraken niet weg uit die negatieve spiraal.
Het is moeilijk om te hopen op beterschap. Ik heb het gevoel dat we gewoon zitten te wachten op de volgende tegenslag…
De begrafenis is ontzettend zwaar. Tot overmaat van ramp spreekt de pastoor over 4 achterkleinkinderen, hij was Tibo vergeten… Het wordt me op dat moment allemaal teveel. Ik kan het gewoon niet accepteren. Ik heb geen zin meer om te vechten. Enkele dagen laat ik me volledig gaan. Mijn optimisme is verdwenen en ik weet niet of ik ooit weer gelukkig ga kunnen zijn.
Maar dan betert het weer. Ik hoor verhalen van ouders die kinderen verloren hebben en plots wil ik weer vechten. Ik ben nog zo jong, ik moet verder. We moeten voor broertjes of zusjes voor Tibo zorgen! Ik wil wel gelukkig worden, maar het lukt nog niet zo goed. Maar de wil is terug en dat is al een grote stap vooruit.

Donderdag 16 januari 2003
Mijn eerste werkdag. Dagen ervoor ben ik bang geweest en het valt ontzettend goed mee. We hebben weer een hindernis genomen. Zou het dan toch ooit goed komen?

Vrijdag 17 januari 2003
Het was een mindere dag vandaag, zoals er waarschijnlijk nog veel zullen volgen. Het is net 3 maanden geleden dat Tibo geboren is. We slaan er ons door. Gelukkig heb ik heel begrijpende collega's.

Stilaan nadert mijn oorspronkelijke bevallingsdatum: 30 januari. Die dag neem ik vrijaf en ga even langs Tibo. De rest weet ik nog niet, maar het zal een afsluiting betekenen. Vanaf dan vergelijk ik me niet meer met alle zwangeren. Ik zou in normale omstandigheden dan ook niet meer zwanger geweest zijn.
Ik hoop dat we samen met onze familie en vrienden verder kunnen en dat we binnenkort weer kunnen verkondigen dat we zwanger zijn. Al ben ik ook wel bang dat ik dat niet ga aankunnen. De toekomst zal het moeten uitwijzen…

Lies

Inloggen

Let op: Je login van de oude site werkt hier niet! Kijk hier voor meer info.

Hou me aangemeld