Waarom zijn kinderen zo bezig met spoken en monsters?

, 2.593 keer bekeken
Om meer te weten waarom kinderen zo bezig zijn met monsters en spoken moeten we eerst een omweg maken naar waar we bang voor zijn in onze ontwikkeling.

Elk kind gaat door verschillende angstfasen. Als een baby de wereld rondom zich begint te ontdekken, dan kan hij schrikken hij van het onbekende (vreemde gezichten bv).

Als een kind fantasie ontwikkelt, ontstaan er vaak monsters en spoken. Vooral kinderen tussen 2 en 4 jaar hebben een rijke fantasie. In het duister veranderen alledaagse zaken plots in iets angstaanjagends. Ze zien bijvoorbeeld bewegende gordijnen veranderen in spoken. Of ze zijn er van overtuigd dat er een monster of een spook onder hun bed zit. Kinderen zijn op die leeftijd ook gek op sprookjes en verhaaltjes (die aan sluit op de eigen fantasie). Ze voegen er vaak nog verhaaltjes aan toe: vriendje doet altijd wat je wilt, het geeft een gevoel van macht en eigenwaarde of kan je bemoederen of de opmerkingen terug spelen die je van je ouders zelf gekregen hebt.

Het komt voor dat fantasie en werkelijkheid zich met elkaar vermengen. Ze kunnen die twee immers moeilijk van elkaar onderscheiden. Deze fantasieën kunnen je kind dan ook erg bang maken en hun verhalen kunnen alsmaar enger worden. Ze kunnen je kind meevoeren en overrompelen. Op deze leeftijd is het belangrijk dat de ouders de fantasie helpen een plaats te geven, en hun kind terugbrengen naar de realiteit.
Met de fantasie ontstaan er niet alleen monsters en spoken maar biedt dit tevens mogelijkheden om er mee om te gaan. Door de fantasie van het kind te gebruiken, kan angst soms ook overwonnen worden. Een beer kan het kind beschermen, een liedje kan het kind helpen wanneer het bang is. En zo kan het kind zelf zijn angst overwinnen. Maar goede uitleg aan het kind geven, wanneer het ergens bang voor is, kan soms ook uitkomst brengen (de fantasie van het kind kan de angst doen toenemen).
Een puber vraagt zich vooral af wat anderen van hem vinden en hoe het zit met de veranderingen in zijn eigen lichaam.

Dat een kind van drie bang is voor monsters, is heel normaal. Een twaalfjarige die niet durft gaan slapen, heeft een probleem.
M.a.w. kinderen worden op verschillende leeftijden 'aangesproken' door monsters en spoken o.a. doordat het reeds op jonge leeftijd in de fantasie aanwezig is. Vaak is het spannend en aantrekkelijk. Maar te vaak hiermee bezig zijn, kan overspoelend zijn en te beangstigend.

Over het algemeen kunnen we zeggen dat iedereen bang is voor het onbekende. Angst is gezond, angst beschermt ons. Als er een kwade hond voor je staat, denk je best niet te lang na. Bij oversteken van een drukke straat, is het goed dat je wat bang bent (overlevingsangst).
Sommige angsten zijn aangeleerd: angst voor spinnen bijvoorbeeld, hoewel dit geen gevaar betekent. Toch griezelen velen als ze het beest zien.
De meeste angsten kun je onder controle krijgen, of afleren. Met angsten leren omgaan, is een deel van het opgroeien.
Angst wordt pas een probleem als het de normale gang van zaken begint te beïnvloeden. Dan kan het ook een signaal zijn van andere problemen, thuis of op school.

Met dank aan: kinderpsychologe Stefanie Goossens

Aan te raden boeken:


  • Nicole Vliegen en Lieve Van Lier (red.) (2007).
    Een spel voor twee spelers. Spel en speelsheid in psychoanalytische psychotherapie.
    Acco Leuven / Voorburg

  • De klassieker uit 1966, nog steeds actueel voor wie beter 'de magische' wereld van het kind wil begrijpen:
    Selma . H Fraiberg (2009).
    De magische wereld van het kind.
    Unieboek BV, Houten/Antwerpen


Leuke film over dit thema


  • boek/dvd/wild.php


Meer artikels over dit thema


Inloggen

Let op: Je login van de oude site werkt hier niet! Kijk hier voor meer info.

Hou me aangemeld