Een bewogen zwangerschap.

, 2.045 keer bekeken

Begin januari besloot ik te stoppen met de pil.
Mijn menstruatie bleef uit en ik bleek zwanger te zijn. Ergens was ik blij dat het direct gelukt was, maar aan de andere kant vond ik dat het net iets te gemakkelijk ging. Mijn man Hans was heel blij en ik ook.
Alles verliep prima, op een buikgriep in de 6de week na. De eerste 12 weken was ik heel moe maar van misselijkheid was geen sprake. Bij mezelf dacht ik vaak: "Het gaat veel te goed, dit blijft niet duren!".
Toen de kritieke periode (eerste 12 weken) voorbij was, maakte ik me dan ook geen zorgen meer. Elke maand leefden we naar ons bezoek aan de gynaecoloog toe. Ze nam elke keer een echo en dat was zeer spannend.
Toen ik 16 weken ver was, kreeg ik last van een stekende pijn in de onderbuik. Bij ons bezoek aan de gynaecoloog stelde ze voor dat ik zou stoppen met werken, maar ik wees dit van de hand. Ik was immers niet ziek, alleen maar zwanger. Ik bleef dus werken en nam trouw de voorgeschreven dosis magnesium om de pijnlijke steken te verminderen.
Nu besef ik echter dat mijn lichaam me signalen toezond, die ik dus negeerde. Zo kon ik ook na sommige huishoudelijke taken beginnen zweten, beven en misselijk worden.

Twee dagen voor ons bezoek met 20 weken aan de gynaecoloog, voelde ik me 's morgens niet goed. Hans zei dat ik thuis moest blijven en dat deed ik dan ook. Het was donderdag 8 juni.
De volgende dag besloot ik toch te gaan werken want we zouden immers 's avonds naar de gynaecoloog gaan.
Toen we 's avonds bij de gynaecoloog waren, merkte ik dat ik regelmatig harde buiken kreeg. Ze merkte het ook op en raadde me weer aan om thuis te blijven en te rusten. Weer ging ik er tegen in en ze liet me beloven dat ik veel zou rusten. Als we toch nog ongerust zouden zijn, mochten we steeds naar de materniteit komen om aan de monitor te liggen.

Zaterdag 10 juni was druk en ik had veel huilbuien om niets. Om een uur of zes besloten Hans en ik om toch maar naar de materniteit te rijden. Ik moest een half uur aan de monitor liggen maar toen de vroedvrouw kwam kijken bleek de monitor niet goed te zijn. Ik lag uiteindelijk bijna een anderhalf uur aan de monitor.
De gynaecoloog kwam kijken en besloot me direct op te nemen. Ik had weeën en ze waren regelmatig. Die avond nog werd gestart met pilletjes en Hans moest hals over kop naar huis om gerief voor mij te halen. We hadden niets bij want ik dacht dat het toch maar een vals alarm ging zijn.
Er werd een uitstrijkje gemaakt en de urine werd onderzocht. Bleek dat ik een infectie had en daar kon je weeën van krijgen. Dat was goed nieuws en Hans en ik dachten dan ook dat de weeën zouden weg gaan eens de infectie weg was. Ik bleef drie dagen in het ziekenhuis en mocht dan naar huis met die pilletjes en strikte rust. Werken was er dus niet meer bij.

Op woensdag 14 juni voelde ik ondanks de hoge dosis pillen dat ik nog steeds regelmatig harde buiken kreeg. Ik belde naar de materniteit om te vragen of dit normaal was. Ik kreeg te horen dat dit niet mocht en moest de volgende morgen naar het ziekenhuis om aan de monitor te liggen.
Hans was gaan werken en daarom brachten mijn schoonouders me naar het ziekenhuis. De weeën waren er nog steeds en ik moest ook de volgende dag ter controle aan de monitor komen. De monitor was ook vrijdag niet goed en er werd gezegd dat ik de volgende dag moest terugkomen.
Op zaterdag 17 juni gingen Hans en ik terug. Na de monitor, die nog steeds niet goed was, werd ik getoucheerd. De baarmoederhals was reeds voor de helft verstreken. Ik werd weer opgenomen en de pillen werden vervangen door een infuus. De dosis werd de eerste dag van 8 druppels/min opgedreven naar 22 druppels/min. Dit was het maximum want van die medicijnen krijg je immers hartkloppingen en ga je beven. Toen ik daar juist was opgenomen dacht ik dat het voor twee weken ging zijn. Maar de realiteit bleek anders.

Elke morgen en elke avond werd de monitor aangelegd. De medicijnen konden pas worden afgebouwd als ik twee monitors na elkaar geen weeën had. Ondertussen had ik ook antibiotica gekregen tegen de infectie.
Na twee weken werd besloten om af te bouwen. Als de dosis op 8 druppels/min kwam, kon je overschakelen op pilletjes. Het afbouwen lukte niet en ik kreeg terug weeën en dus terug op 22 druppels/min. Zo werd er nog verscheidene malen geprobeerd, maar de weeën bleven terugkeren.
Elke week werd mijn urine gecontroleerd en na die eerste infectie heb ik er nog vier gehad tijdens mijn zwangerschap. Dat was raar want ik heb daar vroeger nooit last van gehad. Maar de gynaecoloog schreef het toe aan de verminderde weerstand van mijn lichaam. Ook werd er elke maandag bloed afgenomen (waar ik trouwens een hekel aan heb) en een film van mijn hart gemaakt om het effect van de medicijnen erop te controleren. Om de twee weken werd er een echo genomen en dat was eigenlijk het enige plezierige aan de ziekenhuisopname. De baby groeide goed en was gezond.

De twee weken werden er drie en vier en...
Het was ondertussen juli en ik lag nog steeds in het ziekenhuis. Ze waren mijn infuus aan het afbouwen. Omdat de gynaecoloog vreesde dat de baby te vroeg zou komen werd besloten om een longrijping te geven. Ik was toen 27 weken zwanger en lag al van mijn 21 weken in het ziekenhuis. Ik kreeg die bewuste dinsdag twee inspuitingen daarvoor in de bil. Eén 's morgens en één 's avonds. Ik herinner me dat ik na de eerste inspuiting de hele dag nogal slapjes voelde en was ook zeer bleek. Die nacht kreeg ik terug hevige weeën en het infuus moest terug de hoogte in: op 22 druppels/min. Terug naar af.
Op de koop toe kreeg ik twee dagen na die inspuitingen stuwing. Mijn borsten deden verschrikkelijk pijn en ik kon mijn armen bijna niet bewegen. Omdat ik in het ziekenhuis geen beha droeg moest de vroedvrouw de borstkompressen met plakband op mijn borsten plakken. Daar zat ik dan, met weeën, stuwing en kompressen op de borst geplakt. Als ik er nu aan terugdenk was het best wel grappig, maar op de moment zelf kon ik er niet om lachen.
De periode dat ik in het ziekenhuis lag was één van de verdrietigste periodes uit mijn leven. Het was volop zomer en iedereen van de familie en vrienden maakte reisjes, ging naar feestjes,... Ik heb veel nachten gehuild van ellende en hoopte steeds maar dat die vreselijke zwangerschap vlug voorbij zou zijn. Soms wenste ik dat ik nooit zwanger was geweest en dan had ik achteraf een enorm schuldgevoel tegenover de baby.

Enkele dagen na de inspuitingen, stelde de gynaecoloog voor om in het ziekenhuis te blijven tot ik 34 weken was. Ondertussen zou er niet meer afgebouwd worden om mij telkens een teleurstelling te besparen. Na 34 weken zou er dan gestopt worden met het infuus en kon ik naar huis met pilletjes. Ik wou echter nog één keer proberen afbouwen. Misschien was er dan kans dat ik toch vroeger uit het ziekenhuis weg zou kunnen.
Toen ik 30 weken was, zat ik op 8 druppels per minuut en werd het infuus weggenomen. Ik nam nu de pilletjes. De weeën kwamen weer opzetten, want de dosis met het infuus was veel hoger dan de dosis met de pillen. Er werd besloten even af te wachten en de dosis pillen op maximum te brengen. Ik was er ondertussen al goed aan gewend en had geen enkele bijwerking meer.
Uiteindelijk mocht ik op woensdag 9 augustus naar huis. Mijn verjaardag had ik op 4 augustus spijtig genoeg nog in het ziekenhuis gevierd. Nog steeds had ik weeën en ik mocht dan ook helemaal niets doen.
Ik heb in het ziekenhuis en thuis, om de tijd te verdrijven, al de geboortekaartjes en de geschenkjes zelf gemaakt. De dagen kropen voorbij. Ook thuis ging de tijd tergend traag. Ik wil dan ook Hans, mijn ouders en schoonouders, zus, broer, schoonbroers, schoonzussen, familie en vrienden bedanken voor al de tijd die ze bij mij doorbrachten om de eenzame dagen een beetje korter en aangenamer te maken. Ook de vroedvrouwen en de gynaecologen ben ik zeer dankbaar voor hun hulp en steun.

Alles ging goed en er werd streng op toegezien dat ik niets, maar dan ook niets, deed. Toen ik 34 weken was, mocht ik stoppen met de weeënremmer. Op vrijdag 16 september stopte ik met de pillen en op 17 september begonnen de weeën.
We reden 's morgens om 8u00 al naar het ziekenhuis. De monitor werd aangelegd en ik werd getoucheerd. De baarmoederhals was voor 3/4 verstreken. Maar aangezien het nog niet om echt krachtige weeën ging, werden we terug naar huis gestuurd.
's Middags verloor ik wat bloed en we keerden terug naar het ziekenhuis. Nu werd ik opgenomen en naar de arbeidskamer gebracht. De bevalling was begonnen. 's Avonds had ik echter nog maar 1 cm ontsluiting en de volgende morgen pas 2 cm. De gynaecoloog wou de bevalling niet kunstmatig versnellen omdat ze het nog te vroeg vond voor de baby. Ik mocht dus terug naar huis en moest rustig afwachten. De bevalling was nu nog maar een kwestie van dagen, werd me verteld.
Als de bevalling niet spontaan doorzette, moest ik op dinsdag 19 september op controle in het ziekenhuis. Ik werd weer aan de monitor gelegd en nu bleek dat de hartslag van de baby niet zo goed was. Even dacht ik dat men mij terug ging opnemen, maar na twee uur was de hartslag van de baby terug normaal en mocht ik toch weer naar huis. Die week moest ik voortaan alle twee dagen op controle komen op de materniteit.

Ik huilde veel en hoopte dat deze zwangerschap vlug voorbij zou zijn. Hans ging buiten mijn weten om naar de materniteit raad vragen en mijn toestand met de hoofdvroedvrouw te bespreken. Zij regelde voor ons een afspraak met de gynaecoloog in het ziekenhuis.
Op zaterdag gingen we vroeger dan gepland naar het ziekenhuis omdat ik de baby niet veel meer voelde bewegen. De gynaecoloog kwam speciaal voor mij vroeger naar het ziekenhuis op haar vrije weekend. Ze onderzocht me volledig en deed ook nog eens een echo. Omdat ik het allemaal niet meer zag zitten werd er beslist om de bevalling op 6 oktober in te leiden, als ze ondertussen niet spontaan begon.
De maandag nadien bleek de hartslag van de baby weer niet in orde. Ik werd van de materniteit met de resultaten doorgestuurd naar de praktijk van de gynaecoloog. Deze besliste dat ik dan toch maar iedere dag op controle moest komen op de materniteit. Zo gezegd, zo gedaan. Er ging nog een week voorbij en de bevalling bleef nog altijd uit. De laatste week ging in en ik zou dan op vrijdag 6 oktober ingeleid worden.
Op woensdag 4 oktober ging ik voor de laatste keer op controle in het ziekenhuis. De vroedvrouw had van de gynaecoloog de opdracht gekregen om me te strippen. Dit deed verschrikkelijk pijn en de vroedvrouw was er zeker van dat de weeën nu wel vanzelf krachtiger zouden worden. Ze verwachtte zelfs dat ik nog voor vrijdag zou bevallen.
Er gebeurde niets en op donderdag 5 oktober gingen we nog eens op controle in de praktijk van de gynaecoloog. Alles was in orde en we werden de volgende morgen om 8.00u op de materniteit verwacht.

Op vrijdag 6 oktober werd ik dan eindelijk om 8.00u naar de arbeidskamer gebracht en deze keer zou ik er echt gaan bevallen. Eerst kreeg ik een lavement en werden er twee tabletten ingebracht om de weeën op te wekken. De weeën die er al waren, werden nu krachtiger en werden nu ook voor het eerst pijnlijk.
Om 11u00 werden de vliezen kunstmatig gebroken en kreeg ik de epidurale verdoving, die ik gevraagd had. Ik had veel pijn en was ook zeer misselijk. De verdoving hielp niet echt goed, maar de ontsluiting vorderde goed. Ik had al 3 cm ontsluiting toen ik binnen ging en om 14u00 had ik volledige ontsluiting. Ik mocht persen.
Ik werd naar de verloskamer gebracht en de gynaecoloog werd opgeroepen. Toen zij er was, mocht ik persen. Hoe ik ook mijn best deed, de baby bleek steeds terug te schuiven. De vroedvrouw duwde bij elke wee mee op mijn buik, zonder resultaat. Uiteindelijk heeft de gynaecoloog Yens gehaald met de vacuümpomp.
Tijdens de hele bevalling heb ik er eigenlijk nooit bij stilgestaan dat er ook iets zou kunnen foutlopen. Pas toen de gynaecoloog tegen de vroedvrouw zei, "Nu moet hij komen", besefte ik dat het kon mislopen.

Yens huilde eerst niet en had blijkbaar toch wel afgezien van de zware bevalling. Zijn eerste apgarscore was slechts 6. De twee volgende scores waren 7 en 8. Hij was alles in acht genomen een flinke baby van 3.250 gram en 51 cm groot.
Yens moest in de couveuse en ik kreeg hem pas 's avonds voor het eerst echt in mijn armen. Ook de eerste nacht werd hij nog in de couveuse gelegd. Ik was van plan borstvoeding te geven maar omdat de melkproductie niet goed op gang kwam en Yens niet goed wilde drinken, besloot ik toch flessen te geven. Ik had tenslotte al problemen genoeg gehad.
Toen ik na vijf dagen naar huis moest, was ik eigenlijk een beetje bang. In het ziekenhuis was er altijd iemand om te helpen en raad te geven. Gelukkig had Hans zijn verlof opgespaard en was hij nu vier weken thuis.

Ondertussen is Yens een stevige kapoen van 6 maand. Wij zouden hem echt voor geen goud meer willen missen.
In de periode dat ik in het ziekenhuis lag, wou ik absoluut geen kinderen meer maar nu ik zoveel plezier beleef aan Yens wil ik nog wel een kindje, misschien wel nog twee.
Hoe mijn volgende zwangerschappen zullen verlopen kan alleen de toekomst uitwijzen. Ook de gynaecoloog wist niet hoe het kwam dat ik premature contracties had. Dat kon verschillende redenen hebben. Het staat nu al vast dat ik de volgende keer van in het begin zal moeten rusten. Maar dat heb ik uiteindelijk over voor nog zo'n lief wonder als onze kleine hartendief!

Inloggen

Let op: Je login van de oude site werkt hier niet! Kijk hier voor meer info.

Hou me aangemeld